Klik op bovenstaande foto en vervolgens op diavoorstelling.
Ons eerste meerdaagse uitje. Silvan en Claudias moeder pasten op Okkie.
Dus konden we rustig met Mieke en Ralph naar Ilha do Bananal.
We hadden ons best gedaan om informatie te verzamelen over dit nationale park,
maar niets te vinden, zelfs niet de vaagste kaart. Dus op de bonnefooi.
Eerst langs Cristalandia, waar we natuurlijk een kristalmijn bezochten.
Dan naar Lagoa de Confusao, waar we tijdens de lunch hoorden over een boer, die ook onderdak biedt. Boer bleek ook in dorpje te zijn, dus we reden achter hem aan, door gigantische geirrigeerde rijstvelden.
De belachelijke prijs die hij vroeg werd teruggebracht naar 50pp. Maar het was dan ook een heerlijk plekje aan de Formosa rivier, met zwembad.
Op zijn land een hoop kaaimannen gezien (de groten niet op de foto gekregen, want ze duiken steeds onder).
De groten schijnen 6m te worden en soms schijnt er 1 van 4 meter bij hem thuis langs te komen.
Hij had een kweekvijver met 30.000 schildpadden, die in Brazilie op de meest wrede manieren gedood worden.
Op de boerderij kweekte hij een Pirosca. Deze agressieve vis wordt meters groot. Zie de schedel rechts op 1 van de fotos. Deze vis kan je voet opzuigen en naar beneden trekken.
Ik was ook heel blij een Capivara te hebben gezien. Eigenlijk hoef ik niet meer naar Pantanal. Hier zit alles en meer.
Het land hier zit vol met de gekste vogels (volgens kenners 660 soorten).
De meeste echt prachtig, en helaas met mijn camera niet vast te leggen.
De volgende dag naar Barreira do Cruz, in de hoop dat we daar naar het eiland kunnen ('s werelds grootste riviereiland).
Na veel rondvragen en rondrijden, een familie gevonden voor de lunch en de boot. Die ze na een uur aan de praat kregen. Oversteek van de auto gaat niet in dit seizoen.
Claudia bleef liever achter, en wij gingen de riviertjes op richting een indianendorp. Javae indianen. De indianen van het eiland zijn nogal in conflict met alles en iedereen. Ik zal de lezer de complexe situatie besparen.
Hoewel er duidelijk druk werd uitgeoefend om geld achter te laten, wisten we zomaar te vertrekken. Artesanato was veel te duur en niet zo mooi. En Mieke nam als souvenir een huidschildering te bemachtigen.
Het dorpje heeft een gastenboek, en er blijken al honderden bezoekers geweest te zijn, waaronder 10 buitenlanders.
Terug naar Lagao. Overnacht in Pousada. Gezellig geintegreerd in dorpje. Volgende dag noordelijker naar eco-lodge/onderzoekscentrum Cangucu.
Onderweg zagen we een boerderij/dorpje met de naam Jan. Dus een bezoekje.
De boer bleek toevallig aanwezig in zijn restaurant, waar hij ons een lunch gaf.
Inderdaad Nederlandse familie. Opa jan heeft mega machine bedrijf in zuiden (www.jan.com.br). En kleinzoon kocht 3000 alqueiro supervruchtbare grond hier. Dat is dus groot, hoewel buurman nog 4 x groter is. Vandaar dat ie dus maar een dorpje opgezet heeft.
Cangucu was niet te bereiken. Te hoog water. Het centrum zou ook gesloten zijn.
Maar de route erheen was prachtig en de moeite waard.
Terug naar Palmas via Pium. Mooi vervallen dorpje.
Conclusie: terugkomen in droge seizoen en met de auto oversteken naar eiland.
Dit gebied is een optelsom van Pantanal, Amazone en cerrado en waarschijnlijk 1 van Brazilies hoogtepunten.
Onbegrijpelijk dat het zo verstopt is.